Bemoeizuchtige buurtvrouw

Ik heb soms een beetje, een héél klein beetje, moeite met het beheersen van ‘bemoeien’. Lelijk woord is dat eigenlijk, want dat bemoeien doe ik echt niet om het bemoeien, maar omdat ik mensen gewoon graag help en ook alles per ongeluk zie en hoor.
image

Ik heb bijvoorbeeld, om maar direct bij een belangrijke te beginnen, een paar maanden geleden het kind van twee blokken verderop van de weg geplukt. Zo gaat dat: het joch van anderhalf jaar was ontsnapt, ik zag hem lopen. Toen vloog ik op mijn kousenvoetjes naar buiten zodat het ventje geen vloerkleedje zou worden.

Twee maanden geleden zag ik dat het autoraampje van de overbuurman nog open stond. Ik bedacht scenario’s over een onrechtmatige eigenaar, die trots door Nederland crosste in de auto van mijn overbuurman. Of een regenbui, die precies boven de auto los zou barsten, en de bekleding zou doorweken. Dus ik, dit keer op mijn slippers, naar de overkant. De bel deed het niet, ik klepperen met de brievenbus, op het raam kloppen, bonken. Niemand deed open. De hond, aangeschaft na een inbraak, keek me wat sullig aan door het bobbelglas van de voordeur. De waker.

Inmiddels was ik een vrouw met een missie, en probeerde langs de achterkant aandacht te krijgen. Nadat ik de poort uit zijn voegen had getrokken, heb ik het maar opgegeven. Nogmaals sorry voor de saloonpoort buurman, hij kan nu gewoon naar 2 kanten zwiepen in plaats van alleen naar buiten.

Weer binnen ging ik verder. Ik probeerde om via hun oude buurjongen een telefoonnummer te bemachtigen. Nummer gescoord, maar niet in gebruik. Toen via Facebook een reeks toffe berichtjes gestuurd. Geen gehoor. Inmiddels had in mijn hoofd de onrechtmatige eigenaar de grens bij Polen al bereikt, en was de regenbui een tornado geworden. Mijn familie op de familie-app zei dat ik het maar moest laten gaan, maar mijn bemoeizucht had de overhand.

Ik bedacht namelijk dat er een zoon moest zijn. En via de Facebook van de oud buurjongen vond ik hem. Ik Messengerde de zoon, die zou bellen, en binnen no time kwam de overbuurman het raampje dicht doen, terwijl ik vanaf de overkant gluurde. Ik was zoooo blij! De auto is nooit in Polen aangekomen. Missietijd: 90 minuten.

Toen de fietsendrager. Dat was 2 weken geleden. Ik loop op mijn hakjes (zie je de upgrade qua schoeisel?) en witte shirt richting auto, ligt er ineens een fietsendrager op de stoep. Hij zag er mooi uit, en er was niemand te zien. Ik dacht: ‘Dá’s raar!’ en toen: ‘Domme overbuurman, die is nu gewoon zijn fietsendrager vergeten!’ Zo krijg je dus een naam hè, als je 1x vergeet je raampje dicht te doen.

Dus ik zeulde met mijn goede hart die fietsendrager van zijn plek en ik wankelde richting mijn voortuin. Met gestrekte armen vanwege mijn witte shirt, dat was best zwaar. Daarna kon ik met een gerust hart richting werk. Ongeveer een uur later kreeg ik echter een ongerust hart en een onrustig hoofd. Want stél je nou voor dat iemand dat ding daar eventjes neer had gelegd. Dat diegene een daagje wilde gaan fietsen op de Veluwe en ik die dag verpest had. Dat ze nu geen bosbessenjam konden maken van de geplukte Veluwse besjes. Via de familie-app probeerde ik nog iemand te charteren om het ding z.s.m. terug te leggen, maar helaas, iedereen was ‘druk’. De overbuurman, die ik fijntjes via Facebook had gevraagd of het zijn drager was, zei net zo fijntjes dat die van hem in de schuur lag. Shit!

’s Middags was het eerste wat ik deed de drager terug leggen. Hij heeft er nog drie dagen gelegen, en toen was hij weg. Ik was blij voor de mensen van het niet mislukte dagje uit en de bosbessenjam.

Afgelopen zondag stond tijdens een regenbui, je gelooft het niet, wéér het autoraampje open van de overbuurman. De bel deed het niet, ik klepperen met de brievenbus, op het raam kloppen, bonken. Niemand deed open en de hond keek weer sullig. Ik via Facebook een berichtje gestuurd: geen reactie. Toen heb ik de zoon maar weer een bericht gestuurd, ik wist inmiddels de kortste weg. Dat werkte: geen natte billen voor de overbuurman! Missietijd: 10 minuten. Ik maak vorderingen op dit gebied.

Nu het belangrijkste: ik heb een dilemma op dit moment: bemoeien of niet? Hier schuin voor de deur staat al een week of 5 een auto, op ‘mijn’ plekje. Die auto is van niemand. Ik heb de auto nog nooit gezien, en zoals je leest: ik houd de buurt nauwlettend in de gaten. Het is een mooie grijs met knalroze BMW Mini, van een bedrijf. Hij schreeuwt vanaf het dak ‘HELLO’, dat staat er met grote letters op en is dan wel weer sociaal. Wat navraag mocht niet baten: niemand weet van wie dat ding is.

Mijn moeder zei, na goede afloop van de fietsendrager: ‘Misschien moet je je niet zo met alles willen bemoeien.’ Moeders zijn wijs. Ik houd me nu in en voor deze issue blijf ik gewoon met beide voetjes op de grond. Ik ga niet mailen naar dat bedrijf of ze misschien een auto missen. Ik wacht rustig nog vier weken af en dan schakel ik anoniem Peter Stam, onze plaatselijke journalist, in. Die weet alles, en dan heb ik het alleen maar indirect gedaan. Top idee.

Ik ga me nu weer met mijn dagelijks leven bemoeien, dat lijkt me het beste.

*checkt de raampjes van de overbuurman*

♡Jells

Blijven lachen om MyJells? Like www.facebook.com/myjells gewoon even!