De aanhouder won vandaag niet

Vandaag was het weer zover en vond ik mezelf de sjaak. Ik reed het dorp uit en daar stonden ze: de heren en dames is prachtig zwart en geel. Ze speelden lasergame. Nu heb ik sinds anderhalf jaar lenzen, dus ik had ze al gezien voordat zij mij zagen. Ik ben bovenop mijn rem gaan staan voor het stopbord (daar moet je namelijk echt stíl staan herinnerde ik me) en daarna heb ik overdreven goed gekeken voor ik de dijk op reed. Het mocht niet baten, ondanks mijn omslachtige manier van laten zien hoe goed ik de regels kende, moest ik tóch stoppen. En daar sta je dan, samen met wat andere Lekkerlanders een beetje verloren te wachten op wat er komen gaat. Nou ja, verloren… ik was druk, vooral in mijn hoofd.

Hoewel ik alles goed had gedaan en niet te hard reed, heb ik toch altijd een stressmomentje als ik dan zo’n wuivende politieagent zie staan. Mijn eerste probleem vond ik mijn boterham met een overdaad aan pindakaas die ik in mijn hand had, maar zo snel niet kwijt kon. Ik vroeg me af of je eigenlijk wel mocht eten in de auto, maar wilde hem ook niet snel op de passagiersstoel leggen. Er schoot door mijn hoofd wat er allemaal op die stoel gebeurd was in de 15 levensjaren van mijn auto en vond het zonde van mijn ontbijt. Dus hield ik de half afgekloven boterham maar gewoon in mijn hand. Er zal wel een gigalucht uit de auto gekomen zijn, pech voor de agent…

Verder heb ik dan direct papierenpaniek. Want wáár zijn mijn verzekeringspapieren? Vast ergens in het handschoenenkastje, maar zeker weten doe ik dat ook niet. Ik krijg dat groene papier tegenwoordig digitaal, maar omdat ik thuis geen printer heb, ben ik vast en zeker vergeten hem te printen. Ik kom daar pas achter op een moment dat het te laat is. Ik zit dan alvast wat smoezen te repeteren, het liefst heb ik er eentje paraat die ze nog nooit gehoord hebben. Ik zet mijn blauwe ogen op en oefen wat geknipper. Ik zag al snel dat het dit keer niet zou gaan werken: er stond een politiemevrouw aan mijn deur te morrelen die er niet uitzag alsof ze op vrouwen viel. Ik dacht tijdens het gemorrel: ‘boterham, papieren, knopje van het raam, papieren, boterham, knopje van het raam, ik moet het raam open doen!’ En dat laatste lukte ondanks het gevoel van paniek. ‘Goedemóórgen!’ zei ik vrolijk, met eerder bange konijnenogen dan de onschuldige look die ik in gedachten had…

Vandaag had mijn aanhouding een extra dimensie! Want wat zag ik in mijn linkerooghoek?! Een camera en daar boven het overbekende kapsel van onze regionale journalist Peter Stam. En dus negeerde ik die politieagente opeens volledig, stak twee duimen inclusief pindakaasboterham op en trok een gezicht. Echt, het brak de spanning en ik vergat heel die politiemevrouw, mijn voor alsnog vermiste papieren en de overheersende lucht van pindakaas.

Ik heb altijd toch al eens gedroomd van een momentje met de camera van Peter Stam. Mijn bedachte scenario was alleen wat anders dan vandaag gebeurde. Ik had namelijk voorzien dat ik dan op één of andere blonde wijze mijn auto ergens tegenaan zou parkeren, een boom bijvoorbeeld. Best een positieve gedachte vind ik wel. Dat Peter er dan uiteraard met zijn neus bovenop zou staan en een mooi verhaal maakte om voor de hand liggende reacties op Facebook te verzamelen. Met mij als mikpunt van de spot. Ik zou quasi-verongelijkt poseren bij mijn verongelukte auto. Wel op de manier zoals die nutteloze dames in een autoblad staan uiteraard. Zo half over mijn verkreukelde motorkap gedrapeerd, met pruillip. Het leek me toch een lichtpuntje tijdens mijn ongeluk. Maar zo was het niet, ik werd gewoon aangehouden en was bijna teleurgesteld dat dit mijn moment met Peters camera was.

Heel, heel gelukkig vroeg er niemand naar mijn papieren. Er werd door agent nr. 1 een preekje van de verkeerspolitie aangekondigd, waarna agent nr. 2 kwam vertellen dat ze vandaag alleen maar waarschuwden, maar volgende keer ‘als zij er niet bij was’, er dikke boetes uitgedeeld zouden worden. ‘Als zij er niet bij was’ zei ze er echt bij, ik vond haar ineens heel veilig en wilde dat ze voor altijd bleef. Wat ze verder nog vertelde weet ik werkelijk niet. Dat is Peter zijn schuld. Ik keek namelijk naar de politievrouw en knikte heel begrijpend, maar ik was ernstig afgeleid door de enorme lens van Peter die foto’s maakte van mij en de kont van de politieagente. Ik was drukker met hoe ik er ’s morgens met slaaphoofd uit zou zien op foto’s van Peter Stam, dan met het verhaal over ‘Veilig verkeer? Ik doe mee!’

Ik heb uit schuldgevoel de gekregen folder gelezen, en verwacht dat haar verhaal erop neerkwam dat we allemaal maar 30 mogen rijden op de dijk omdat er werkmannen zijn. 30 Is echt belachelijk langzaam, vooral omdat er 99 van de 100 keer geen werkman te zien is op het stuk waar ik rijd. Fietsers inhalen bij 30 km/u is een oneerlijke wedstrijd tussen fiets en jou: fiets wint met gemak. Auto’s achter me gaan zitten plakken, want geen hond rijdt 30. Ik voel me opgejaagd nu.  Een voorstel: 40! In alle opzichten beter toch?! Dan ga je net nog vooruit, je kunt veilig fietsers inhalen én op tijd remmen voor werkmannen. Wat ik me nu weer afvraag: zijn er eigenlijk wel verkeersborden met 40? Ík denk dat ze die ooit vergeten zijn te maken en dat 30 nu een goedkope en staatskasvriendelijke oplossing is.

Peter heeft mijn ochtendhoofd op zijn website gezet. Met mijn toestemming, dat dan weer wel. Ik krijg nu om de haverklap appjes en berichtjes dat ik op Alblasserdamsnieuws.nl sta. Ik voel me ondanks het niet geplande scenario toch wel een beetje tof nu. De gemaakte foto’s heb ik van hem ontvangen en ik zie dat ik zelfs mijn fluoriserende hemdje aan heb. Veilig verkeer? Ik doe mee!

*Behalve als er geen politie of werkman te zien is, dan rijd ik misschien 40. Of per ongeluk 50.*

♥ Jells

P.S. Aanhoudend op de hoogte blijven van Jells? Like www.facebook.com/myjells voor meer!