De weg kwijt…

Ik zit doorgaans op kantoor. Dat heeft een reden, ik weet ook weer waarom. Want wat hebben mensen die vaak op de weg zitten een niet productieve baan zeg!

Een onderdeel van mijn baan is het ontwerpen van menukaarten. Afgelopen winter is er een nieuwe menukaart gelanceerd. Nu, een paar maanden later, ben ik kinderziekten aan het bestrijden. En daarvoor moest ik mijn veilige omgeving verlaten: de deur uit.

Aangezien ik als kantoormus geen auto van de zaak heb, leende ik de dikke station van mijn leidinggevende. Ik had wat instructies gekregen en had natuurlijk, heel erg overtuigd van mezelf, gezegd dat ik er wel uitkwam. En ja hoor, de navigatie was een makkie, en ook de stoel en spiegels had ik zo in een vrouwenstandje. En toen… moest hij aan…

Er zou een startknop moeten zijn. Omdat ik in het zicht van al mijn pauze-vierende collega’s zat, deed ik net of ik met de navigatie bezig was, terwijl ik ondertussen wild loenste om DE knop te vinden. Uiteindelijk zat hij op de plek van het normale sleutelgat, erg onlogisch voor een blondje: wie verstopt dat nou achter het stuur?! En START! Op naar Rotterdam Zuidplein.

Ik houd zo van navigatie! Naast de vaatwasser en een schoonmaakster is dat de beste uitvinding ooit. Ik draaide stralend de rijksweg op, totdat ik de afslag Zuidplein zag. Echter, die was een beetje buiten mijn bereik. Ze hadden serieus gewoon de rijksweg omgelegd, en de navigatie wist dat nog niet. En zo stralend als ik vertrok, zo grommend keek ik naar de voorbijschietende afslag Zuidplein en trok richting Rhoon, teveel km verder.

Na wat sightseeing door Rotterdam, waarbij ik soms ernstig twijfelde tussen borden volgen of de navigatie, stond ik op goed geluk in een parkeergarage onder Zuidplein. Eigenlijk dacht ik onder het restaurant boven water te komen, maar nee hoor. Daar ging ik: met mijn reuzeperforator onder mijn oksel heel Zuidplein over, waarvan ik gezworen had er nooit meer te komen. Ik deel mijn eigen mening nog steeds.

De Rotterdamse menukaarten gerepareerd achterlatend, ging ik richting Spijkenisse. Parkeergarage 2 ging na een klein extra rondje centrum vrij goed, tot ik er weer uit moest… Eerst wist ik de verdieping niet meer. Dit liet ik niet merken hoor, ik stapte gewoon dapper voort en drukte af en toe op het ‘open-knopje’ van de auto, terwijl de perforator inmiddels 20 kilo woog. En gelukkig, daar knipoogde de auto. Ik ben blij ingestapt en richting de uitgang gereden, via de hogere verdieping en tegen de stroom in.

Vlak voor de slagbomen kwam ik er achter dat ik vergeten was te betalen. Een nieuw parkeerplekje gezocht, betaald en nog eens de speurtocht richting slagbomen gedaan. Echt, ben ik nou de enige die parkeergarages niet snapt? Ik denk dat de juiste weg in een garage niet bestaat en dat het garagemannetje stuk gaat om die paniekerige mensen.

De terugweg heb ik mijn telefonische navigatie maar aan gezet, na een volledig klavertje vier op Beneluxplein. Mijn zelfbedachte navigatiehouder werkte alleen niet, want na een scherp bochtje hoorde ik die Belgische juffrouw ergens tussen de stoel en de deur verder praten. Ze heeft me bijna mijn leven gekost toen ik haar weer naar boven viste.

Ik heb besloten dat ik mijn kilometers liever maak met werk-woonverkeer. Wat een waste of time zeg, dat rondjes rijden. Of ligt dat nou aan mij?

♡Jells